Nieuwsberichten

In de reeks ‘Wat is wat in de Vlaamse Beweging’: Hoe Vlaanderen moeizaam het Nederlands heroverde

In de reeks ‘Wat is wat in de Vlaamse Beweging’: Hoe Vlaanderen moeizaam het Nederlands heroverde

  • Luc Pauwels
  • 11/02/2026

Na de afscheuring van de zuidelijke provincies van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en de oprichting van 'België' stelt zich de vraag: wat met het Nederlands in de nieuwe staat? De druk van de Franstaligen om onze taal tot “dialect” te reduceren en op termijn te doen verdwijnen is groot.

Na de scheiding van 1830 is men op het vlak van spelling letterlijk “het noorden kwijt” en begonnen ook de Franstaligen zich te bemoeien met de spelling van het Nederlands in Vlaanderen. Vanzelfsprekend moest die zo veel als mogelijk van het standaard-Nederlands verschillen. Een spellingstrijd ontbrandt tussen voor- en tegenstanders die de gemoederen in Vlaanderen fel in beroering brengt.

Een overblijfsel daarvan is bijvoorbeeld de spelling “Schaerbeek” nog altijd gangbaar langs Franstalige kant om toch maar niet Schaarbeek te moeten schrijven. Als reactie tegen de Franstalige bemoeienissen wordt in 1836 de Maetschappy tot bevordering der Nederduitsche Tael- en Letterkunde opgericht.

Die bestaat overwegend uit voorstanders van een taaleenheid met Noord-Nederland en zet de Belgische regering onder druk. Die schrijft op 6 september 1836 een prijsvraag uit voor “eene beoordeelende verhandeling over de geschilpunten ten aenzien der spelling en woordverbuiging der Nederduitsche tael”. Op 15 juli 1837 benoemt de regering uit de leden der Maetschappy de zogenaamde Taelcommissie, onder de leiding van de filoloog Jan Frans Willems (1793-1846) uit Boechout (Antwerpen). Hij geldt als de 'Vader van de Vlaamse Beweging'.

In 1839 worden de acht spel- en taalregels van de Taalcommissie gepubliceerd, die een nauwe aansluiting bij het Noord-Nederlandse gebruik vooropstellen. Na veel tegenstand en geharrewar uiteindelijk aanvaard en in enkele stappen ook officieel bekrachtigd. Op 9 januari 1844 verschijnt in het Belgisch Staatsblad een Koninklijk Besluit dat de spelling die het door het Vlaamse Taalcongres is aanvaard officieel bekrachtigt en voor de vertaling van wetten en besluiten verplicht stelt.

Na vergeefse interpellaties van tegenstanders van de Nederlandse spelling in de Belgische Kamer, eind januari 1844, is de strijd gestreden. Op 11 februari betuigen ruim driehonderd leden van Het Taelverbond, vergaderd in het Brusselse stadhuis, hun adhesie met de nieuwe spelling, waarna een Vlaamse afvaardiging - lichtelijk overbodig - de koning gaat bedanken.

Nog in 1844 publiceert de Gentse hoogleraar - en Franstalige orangist- Pierre Lebrocquys (1797-1864) La grande question de l'orthographe flamande réduite à de petites proportions, dat Heel-Nederlands is georiënteerd, terwijl Hendrik Conscience in datzelfde kanteljaar zijn Sleutel der gezuiverde spelling uitgeeft.

Top