
Aanvaard alles en leg je nergens bij neer!
- Luc Pauwels
- 27/03/2026
- Filosofie
In een tijd waarin klassieke levenswijzen in de populaire cultuur vaak worden herleid tot handige motto’s of snelle zelfhulptrucs, biedt dit boek over De stoïcijnse school een gedegen en genuanceerde herwaardering van het stoïcisme als volwaardige filosofische traditie. Met dit omvangrijke werk – bijna 400 pagina’s aan tekst – hebben Michiel Buis en Dennis de Gruijter een boek geschreven dat zowel ambitieus is in zijn theoretische ambitie als robuust in praktische relevantie.
Beter dan tips tegen stress
De centrale ambitie van het boek is expliciet: het stoïcisme opnieuw presenteren als een samenhangend filosofisch systeem, in plaats van een losse verzameling tips tegen stress of existentiële onrust. Waar hedendaagse populaire interpretaties zich beperken tot oppervlakkige incantaties van “focus op wat je kunt beheersen”, beogen de auteurs een systematische reconstructie van de klassieke leer, waarin logica, fysica en ethiek onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn.
Een van de grootste verdiensten van De stoïcijnse school is de expliciete aandacht voor deze onderlinge samenhang. In plaats van de stoïcijnse filosofie te fragmenteren tot afzonderlijke technieken om emoties de baas te blijven, laten Buis en De Gruijter zien hoe de antieke denkers – van Zeno van Kition tot Epiktetos en Marcus Aurelius – het leven beschouwden als een geïntegreerd geheel waarin kosmologie, rede en moreel handelen elkaar conditioneren. Die herwaardering van de klassieke context is niet louter historisch: zij maakt het mogelijk om de filosofie als een ethos te begrijpen, in plaats van als een instrumentarium voor psychische kalmte.
Verschillende methodes, complementaire aanpak
Deze filosofische diepgang vloeit voort uit de complementaire expertise van de auteurs. Michiel Buis, wiens academische werk zich richt op een vergelijking tussen antiek en modern stoïcisme, levert de noodzakelijke filosofische precisie en historische contextualisering. Dennis de Gruijter, als coach en beoefenaar van stoïcijnse praktijken, introduceert reflecties die de lezer uitnodigen tot oefening en toepassing in het hedendaagse leven. Deze combinatie voorkomt dat het boek vervalt in louter theoretische hoogvlakte of, omgekeerd, in goedkope “practical wisdom”.
Toch houdt het boek geen romantisch beeld van stoïcisme voor; het confronteert de lezer juist met de ambivalenties en uitdagingen van het gedachtegoed. In één van de meest relevante passages toont het werk dat de klassieke notie van een rationeel geordend universum – een kernidee binnen de Stoa – tegenwoordig botst met hedendaagse natuurwetenschappelijke inzichten. De auteurs duiken niet weg voor deze spanning, maar onderzoeken hoe stoïcisme zich kan verhouden tot een wereldbeeld waarin determinisme en kosmische rede niet vanzelfsprekend zijn.
De titel van het boek mag paradoxaal klinken. Of de auteurs dan wel de uitgever die hebben gekozen, is niet duidelijk. Hij wordt wel al meteen in het voorwoord verklaard: “De stoïcijnen leerden hun tijdgenoten dat zij alles wat op hun levensweg komt moeten aanvaarden, maar er zich tegelijkertijd niet neer bij hoeven te leggen. Elke gebeurtenis is een mogelijkheid om innerlijke vrijheid, rust en kalmte te oefenen”.
De nadelen van grondigheid
De grondigheid van de auteurs werpt ook schaduwen. Sommige lezers zullen de stijl zwaar en theoretisch vinden: de tekst vraagt een gedisciplineerde leeshouding, en passages over kosmologie of logica kunnen voor wie het stoïcisme “voor de praktijk” wil lezen minder toegankelijk zijn. In die zin balanceert het boek voortdurend tussen academische precisie en praktische relevantie – een balans die niet altijd even elegant uitpakt. Kritisch bezien blijft de bespreking van moderne stoïcijnse stromingen beperkt, waardoor inzichten uit academische neoliberale- of populaire wellness-stromen minder expliciet worden gekaderd.
Een recensie in het Nederlandse dagblad Trouw bood een iets kritischer noot: hoewel de concrete stoïcijnse oefeningen die het boek behandelt waardevol blijken, neigt de tekst in sommige passages toch naar een therapeutische toon, ondanks de kritiek die de auteurs zelf richten op simplificaties van stoïcisme. Die observatie benadrukt de paradox van elk poging het stoïcisme toegankelijk én diepgaand te presenteren: zodra een tekst praktische oefeningen aanbiedt, loopt zij het risico het systeem te reduceren tot wat zij zelf wil vermijden.
Nietzsche, niet te vergeten
Niettemin is De stoïcijnse school een belangrijke bijdrage aan de Nederlandstalige filosofische literatuur. Al was het maar omdat er ook aandacht wordt besteed aan een analyse van het stoïcisme “aan de hand van Friedrich Nietzsches onderscheid tussen de pre-christelijke en de christelijke tijd, zoals beschreven in Over de genealogie van de moraal”.
We hebben hier te maken met een boek dat – in tegenstelling tot de meeste populaire “stoïcijnse” handleidingen – geen genoegen neemt met psychologische geruststelling, maar de lezer uitdaagt tot filosofische reflectie en morele vorming. De thematische rijkdom, de expliciete historische verankering en de aandacht voor de interne samenhang van de stoïcijnse leer maken dit werk tot een waardevolle bron voor iedereen die stoïcisme wil verstaan als levenskunst in plaats van als mentale techniek.
Kortom, wie bereid is zich serieus in te spannen, vindt in De stoïcijnse school een boek dat de hedendaagse praktijk van stoïcisme fundamenteel her-ijkt, en dat ons uitdaagt tot een diepe reflectie over wat het betekent om “te aanvaarden wat onvermijdelijk is” en tegelijkertijd zich “nergens bij neer te leggen”.
Tot de dood toe
De auteurs verwijzen daarbij ook uitvoerig naar de grote stoïcijn Seneca (4 v. Chr. - 65 n. Chr.). Deze Romeinse filosoof gaf ons een belangrijke raad mee: “Van alle mensen zijn degenen die tijd vrij maken voor filosofie, de enigen die in ruste leven, de enigen die leven; want zij dragen niet alleen op de juiste wijze zorg voor hun eigen leven, ze maken zich elke periode eigen naast die waarin ze zelf leven; alle jaren die men vóór hen geleefd heeft, hebben zij aan hun eigen jaren toegevoegd”. (De korte duur van het leven, 19.I)
Dat leidt bij Seneca tot volgende appreciatie: “De dood is de bevrijding van alle smarten en de grens die onze rampspoed niet passeert. Hij legt ons terug in de rust waarin wij voor onze geboorte lagen. O, mensen die geen idee hebben van hun eigen ellende, die de dood niet prijzen als de beste ontdekking van de natuur en daar niet naar uitkijken”. (Troostschrift voor Marcia, 19.5)
Ons eindoordeel over dit boek: een inhoudelijk rijke, filosofisch verantwoorde en relevante herijking van de klassieke stoïcijnse filosofie. Een aanrader dus.
Michiel Buis & Dennis de Gruijter, De stoïcijnse school. Aanvaard alles en leg je nergens bij neer! Uitg. Noordboek, Gorredijk, tweede druk, 2026. ISBN 9789464713718. Prijs: € 26,91.